|
Wanneer ik richting de uitgang van de huiskamer loop, kruisen onze blikken elkaar.
Ik zie wat etensresten rond haar mond en pak een krukje om naast haar te gaan zitten. Ik help haar het laatste stukje ontbijt weer in haar mond te krijgen, omdat ze dit zelf niet meer kan. Ze knippert een keer met haar ogen.
0 Comments
Ik tref haar bij de bibliotheek, in de hal waar ik net kennisgemaakt heb met een vrijwilliger. Ik begrijp dat ze al langere tijd een paar boeken te leen heeft, maar deze nog niet heeft geretourneerd. Ze is gediagnosticeerd met dementie, dus de kans dat ze hier zelf nog aan denkt, schat ik klein.
“𝘐𝘬 𝘣𝘦𝘯 𝘦𝘦𝘯 𝘦𝘤𝘩𝘵𝘦 𝘣𝘰𝘦𝘬𝘦𝘯𝘸𝘶𝘳𝘮,” zegt ze trots. Ik loop achter mijn medecursisten aan langs de rij en geef iedereen een hand. Terwijl ik voortbeweeg, merk ik dat ik steeds sneller ga lopen. Ik registreer de aanraking, maar voel mezelf haasten.
Ik ben de laatste in de rij. En ergens in mij klinkt de stem: 𝘫𝘦 𝘮𝘰𝘦𝘵 𝘰𝘱𝘴𝘤𝘩𝘪𝘦𝘵𝘦𝘯, 𝘮𝘢𝘢𝘬 𝘵𝘦𝘮𝘱𝘰. Dus ik versnel. “Als je samen bent, ga je om elf uur naar bed. Nu zit ik vanaf zes uur alleen en ga ik vroeg slapen. Dan gaat de tijd sneller.”
Ze ligt net in bed en trekt het dekbed tot onder haar kin. Waterig ogen kijken me aan. Zodra de deur opengaat, klampt ze zich aan me vast. Ik zie de paniek in haar ogen. Haar geld is weg, ze weet het zeker. Het zit niet meer in haar tas.
Ik kom binnen en hoor de stemmen van 𝘉𝘦𝘴𝘵𝘦 𝘡𝘢𝘯𝘨𝘦𝘳𝘴 door de kamer klinken. Zij zit in haar stoel, ogen gesloten, haar lichaam iets naar links hangend. Haar man wrijft zacht over haar wang, een gebaar dat meer zegt dan duizend woorden.
De pijn van de afgelopen dagen bleek de voorbode van gordelroos. Wanneer ik haar vanavond tref, gaat het iets beter. De pijn en jeuk zijn nu te dragen, maar: “𝘐𝘬 𝘸𝘦𝘦𝘵 𝘴𝘰𝘮𝘴 𝘯𝘪𝘦𝘵 𝘸𝘢𝘢𝘳 𝘪𝘬 𝘩𝘦𝘵 𝘻𝘰𝘦𝘬𝘦𝘯 𝘮𝘰𝘦𝘵,” zegt ze. De pijn van de afgelopen dagen bleek de voorbode van gordelroos.
Haar man laat me binnen. Ik loop de trap op, zonder te weten in welke hoedanigheid ik haar zal aantreffen — en of ze me nog herkent. Het is zeker negen maanden geleden dat ik hier voor het laatst was. Toen was ze erg verzwakt en mager.
Ik klim in de pen.
Wanneer ik voel dat iets niet klopt. Wanneer ik zie dat regels botsen met menselijkheid. Wanneer richtlijnen wringen met de praktijk. |
AuteurIn haar werk als complementair en energetisch zorgdeskundige schrijft Miranda over het belang van voelen, vertragen en opnieuw contact maken met jezelf. Ze deelt inzichten en praktijkverhalen die rust, verbinding en bewustzijn stimuleren — voor wie zorg geeft en zoekt naar balans en verdieping. Categorieën
Alles
Archieven
Februari 2026
|
RSS-feed