|
“𝘐𝘬 𝘬𝘢𝘯 𝘩𝘦𝘭𝘦𝘮𝘢𝘢𝘭 𝘯𝘪𝘦𝘵𝘴 𝘮𝘦𝘦𝘳,” zegt ze, terwijl ze moeizaam van de badkamer naar haar slaapkamer loopt, steunend op haar rollator. “Nou,” zeg ik met een glimlach, “voor zover ik het zie ademt u nog, loopt u nog, en bent u zojuist naar het toilet geweest. Als u écht niks meer zou kunnen, dan lag u tussen vier planken.”
Ze schatert. Ik kan dit niet bij iedereen zeggen, maar bij haar wel. Gewoon eruit flappen wat je denkt. Doet zij zelf ook. Ik vraag of ze weleens nadenkt over de dood. “De laatste tijd ben ik er veel mee bezig,” geeft ze toe. Op de vraag wat ze dan denkt of voelt, vindt ze geen woorden. We praten over haar geloof. Of ze denkt dat er iets is na de dood. Of ze iemand terug zal zien. “Ik zie een lange koffietafel voor me. Waar iedereen zit die me is voorgegaan. En geloof me, dat is een héle lange tafel!” De herinnering aan dierbaren die ze al lang moet missen, doet haar glimlachen. Ze heeft veel afscheid gekend de afgelopen jaren. Vorige week dronk ze nog koffie met haar buurman. Gisteren hoorde ze dat hij is overleden. “Hij was ook al 89,” zegt ze. En dan ineens, alsof het plots indaalt: “Maar ja… ik ben ook al 95.” Afgelopen weekend was er een mis voor haar man, die al ruim dertig jaar overleden is. Samen kregen ze zes kinderen. Hun oudste zoon loopt richting de zeventig. “Wat een leeftijd, hè,” zegt ze. Weer dat moment van besef, van eigen sterfelijkheid. En vandaag stond ineens haar kleinzoon voor de deur. Hij woont in het buitenland en was voor een uitvaart naar Nederland gekomen. “Dat doet een mens goed,” zegt ze. “Het mag ook wel een keer meezitten.” Ze leeft bij de dag. Gaat langzaam achteruit. Iedere dag een beetje meer. Maar wat geniet ze nog van het leven. “Zolang het me gegeven is, maak ik er het beste van.” Wanneer ik op het punt sta weg te gaan, zegt ze ineens: “Ik heb zin in een snoepje.” Op tafel staan zoals altijd potten met drop, maar die bedoelt ze niet. Op haar verzoek kijk ik in de koelkast en vind een schaaltje met twee bonbons. “Doe je mee? Samen delen?” Meestal zeg ik nee. Als ik bij iedere cliënt het aanbod van koekjes of chocolade aanneem, pas ik over een week niet meer door de deur. Maar vandaag maak ik een uitzondering. Op haar manier maakt ze er iedere dag nog een klein feestje van. En dit is er één van. Want zolang zij er nog is, vier ik deze momenten graag met haar mee. Niet omdat het moet. Maar omdat het leven juist in deze kleine gebaren tastbaar wordt. Soms is dat alles wat nodig is om het leven te voelen. ❤️
0 Kommentare
Ihr Kommentar wird veröffentlicht, sobald er genehmigt ist.
Antwort hinterlassen |
AuteurIn haar werk als complementair en energetisch zorgdeskundige schrijft Miranda over het belang van voelen, vertragen en opnieuw contact maken met jezelf. Ze deelt inzichten en praktijkverhalen die rust, verbinding en bewustzijn stimuleren — voor wie zorg geeft en zoekt naar balans en verdieping. Categorieën
All
Archieven
Oktober 2025
|
RSS Feed